Je kent het waarschijnlijk wel. Die ene vrouw die alles prima voor elkaar lijkt te hebben. Het leven lacht haar toe en haar gras is altijd groener. Wij waren ooit kort collega's en nu gaan onze kinderen naar dezelfde school. Vanmorgen liep ik langs haar heen op het schoolplein. Zij was in gesprek, haar kin omhoog gericht en met haar strakke legging en korte trui was ze klaar om te sporten met andere mama's. Áls we onze armen hadden uitgestoken hadden we elkaar de hand kunnen schudden. Áls. Maar we groetten elkaar niet.
Ik fiets naar huis en thuis, in de keuken zucht ik diep als ik koffie maak. Ook hier mag ik aan het werk. Moet ik iedereen aardig vinden? Nee, dat moet niet. Maar ik kom wel mijn ego tegen en hij probeert mij iets te vertellen. Daar ben ik nieuwsgierig naar. En ik wil naar het licht, leven in de Liefde in en om mij heen.
Met de koffie op tafel ga ik zitten en sluit mijn ogen. Ik denk aan hoe wij als collega's met elkaar omgingen. Ik vond haar arrogant en ik vond dat ze alles voor elkaar had. Met een andere collega maakte ze afspraken, mij negerend, om koffie te drinken. Zij bespraken van alles met elkaar over hun privé levens en ik zat erbij en keek ernaar. Met een half woord hadden ze genoeg om elkaar te begrijpen, ik wist niet waar het over ging. We zaten alle drie op dezelfde kamer. Ik vond het geen feest om genegeerd te worden. Bij deze herinnering voel ik mijn ego actiever worden en mijn lichaam wordt onrustig.
Dan denk ik aan de opmerkingen die zij maakten over mij. Ik was de collega met die vriend die zijn Liefde toonde en geregeld even langskwam vanuit zijn werk, voor een knuffel van mij. Ik was die collega die op zichzelf woonde en ging trouwen. Ik leefde volgens 'de boekjes'. De beelden die we van elkaar hadden, verschilden niet zoveel.
Buiten hoor ik Kat in de tuin vechten met Buurtkat. Het gaat er heftig aan toe en ik denk eraan hoe mijn kat straks met plukken los haar in de kamer zal rondlopen. Ik sta op, open de voordeur en roep Kat binnen. Kat reageert op mijn stem, draait zijn lichaam naar mij en gromt nog even naar Buurtkat. Dan komt hij binnenlopen als een echte macho. Hoe toepasselijk.
Dan denk ik aan het heden. Af en toe kom ik de oud-collega tegen met haar kinderen. Ze propt haar kinderen met harde woorden in dezelfde perfecte koker als waar zij in leeft. Dat is mijn visie. Ik mis de Liefde. En dat is het woord. Waar is de Liefde? Waar is de Liefde in mijn visie van haar? Ik kom er niet uit en vraag om hulp van het licht. Het antwoord komt en vraagt mij naar binnen te kijken. Natuurlijk. Het gaat om mijn pijn, hoewel ik weiger het te zien. Ik wil geen pijn voelen als het om háár gaat. En direct besef ik weer wat ik doe. Zo rommel ik door, zonder dat ik verder kom. Het lukt mij niet om haar in het licht te zien. Als ik eraan denk om het op te geven, kan ik ineens wel verder. Ik laat de situatie voor wat het is en richt mij op het licht in mij.
In het licht besef ik dat ik niet alleen ben, ik voel de eenheid weer sterk in mij en zie dat ik niet afgescheiden ben van Liefde. Het gedrag van anderen heeft er geen invloed op. Wat er ook gebeurd is, het is niet de werkelijkheid. Ego's voeden een catfight, maar in de Liefde zijn we gelijk, zijn we één. Met dit gevoel stromen de tranen over mijn wangen. Ik laat de zwaarte van het conflict toe om het te doorleven tot het verdriet afzakt. Wat is dit zwaar. Dan zie ik de oud-collega anders.
Jij en ik, wij zijn gelijk, we zijn allebei een deel van de eenheid. Bedankt dat je mij geholpen hebt om weer een stukje van mij naar het Licht te brengen. Ik zie het Licht in ons allebei stralen. Ik zie je in de Liefde die je bent. Een prachtige vrouw.
En de les van vandaag luidt: 'Ik zoek een toekomst die van het verleden verschilt'.
Wat een bijzonder mooi en voedend verhaal. Dank je wel.
BeantwoordenVerwijderenArnold